De Plaza de Armas van Cusco met de kathedraal en omringende bergen

PERU

Rondreis door Peru: mijn route en eerlijke tips

9 min lezen

Peru stond al lang op mijn lijst, en na een paar weken rondreizen snap ik precies waarom iedereen erover doorzeurt. Het zuiden van het land zit vol Inca-ruïnes, hoge bergen, een enorm meer en steden waar je zo blijft hangen. Mijn rondreis Peru liep van Lima helemaal naar het zuiden, en in dit verhaal neem ik je mee langs de hele route: wat ik deed, wat me verraste en wat ik je qua tijd, vervoer en die beruchte hoogte zou aanraden.

Aankomen in Lima

Vrijwel iedereen begint in Lima, want daar landen de internationale vluchten. Eerlijk: ik heb er zelf niet lang gehangen. Het is een grote, drukke stad en veel reizigers vliegen vrij snel door naar Cusco, omdat het echte moois in het zuiden ligt. Heb je een dag over, dan is de wijk Miraflores aan de kust een prima plek om even te landen en op adem te komen van de vlucht. Maar zie Lima vooral als je startpunt, niet als het hoogtepunt van de reis.

Cusco en de Heilige Vallei

Vanuit Lima vloog ik door naar Cusco, en dat werd meteen het hart van de reis. Cusco is de oude hoofdstad van het Inca-rijk en dat voel je overal: onder de koloniale gebouwen zitten nog de strakke Inca-muren en de stad ligt prachtig tussen de bergen. Het eerste wat je hier merkt is de hoogte. Cusco ligt op zo’n 3400 meter en een simpel trapje naar het plein maakt je al buiten adem. Neem het de eerste dag dus rustig aan, drink veel water, sla de alcohol even over en drink wat coca-thee zoals de locals.

Als je gewend bent, is Cusco een heerlijke stad om doorheen te slenteren, met de Plaza de Armas, arcades en smalle straatjes vol oude stenen poorten. Vanuit de stad daal je af naar de Heilige Vallei langs de Urubamba-rivier. Daar liggen de ronde terrassen van Moray, de witte zoutpannen van Salineras de Maras en mijn favoriet, Ollantaytambo, tegelijk een gezellig geplaveid dorpje en een enorme ruïne die tegen de berg oploopt. Handig: vanuit Ollantaytambo pak je meteen de trein naar Machu Picchu, dus je sluit de vallei er logisch mee af.

Machu Picchu

Machu Picchu is voor de meeste mensen dé reden om naar Peru te komen, en ik snap precies waarom. Ik was een beetje bang dat het zou tegenvallen na al die foto’s, maar in het echt is die verloren Inca-stad op zijn bergkam nog indrukwekkender. Ik ging er niet met de trein heen maar te voet, via de Salkantay-trek: een paar dagen lopen door hoge bergpassen, langs de turquoise Humantay-lagune en uiteindelijk omlaag de vochtige jungle in. Zwaar op die hoogte, maar wat een manier om er te komen.

Omdat Machu Picchu op zich al een verhaal is, heb ik er een apart artikel over Machu Picchu bezoeken geschreven, met alles over de trein versus de trektocht en het boeken van tickets. Voor je rondreis is het belangrijkste: reken op minstens een paar dagen voor dit stuk, en boek je toegangsticket en trein ruim van tevoren, want er geldt een bezoekerslimiet per dag.

Naar het Titicacameer

Na Machu Picchu ging ik zuidwaarts, richting het Titicacameer bij Puno. De rit erheen is lang, maar je klimt langzaam de hoogvlakte op en het landschap wordt steeds weidser. Het Titicacameer is het hoogst bevaarbare meer ter wereld en ligt nog hoger dan Cusco, dus als je in Cusco al aan de hoogte hebt gewend, kom je hier goed door. Vanaf Puno maak je een boottochtje naar de drijvende rieteilanden van de Uros, letterlijk eilanden gemaakt van riet waar mensen op wonen. Voor mij was het een rustiger tussenstop tussen de drukte van Machu Picchu en de rest van het zuiden, en het meer zelf is gewoon enorm.

De Colca Canyon

Vanaf het Titicacameer reed ik door naar de Colca Canyon, en dat werd een van de verrassingen van de reis. Het is een van de diepste canyons ter wereld, ongeveer twee keer zo diep als de Grand Canyon, maar het echte spektakel zijn de condors. De weg erheen gaat over de altiplano, de hoge vlakte vol grazende alpaca’s en wilde vicuña’s, met vulkanen en hooggelegen lagunes op de achtergrond. Neem warme kleren mee, want de passen gaan tot boven de 4000 meter en ‘s ochtends is het echt koud.

Het hoogtepunt is de Cruz del Cóndor, een uitkijkpunt hoog boven de canyon. In de ochtend gebruiken enorme Andescondors de opstijgende warme lucht om te cirkelen, en soms zeilen ze vlak langs de rand waar je staat zonder ook maar één keer met hun vleugels te slaan. Ga wel vroeg, want later op de dag zijn ze meestal weg. Een tweedaagse trip vanuit Arequipa is daarom fijner dan een eendaagse.

Arequipa als afsluiter

Ik sloot de rondreis af in Arequipa, en die stad had ik eigenlijk vooral als uitvalsbasis voor de Colca Canyon op de planning gezet. Stiekem werd het een van mijn favorieten van de hele reis. Het is de op een na grootste stad van Peru, gebouwd van wit vulkaansteen, met drie vulkanen die overal boven de daken uit piekt. De Plaza de Armas met de grote kathedraal en die vulkanen op de achtergrond is een van de mooiste van het land.

Het echte hoogtepunt van de stad was voor mij het klooster Santa Catalina, eigenlijk een klein ommuurd stadje op zich met smalle straatjes en binnenplaatsen in dieprood en helderblauw. Je loopt er zo een uur of twee doorheen. Als afsluiter, na alle bergen en hoogte, was Arequipa met zijn lagere ligging en gezellige centrum precies goed.

Praktisch: tijd, vervoer, hoogte en budget

Voor deze route reken je op zo’n twee tot drie weken. In twee weken doe je Cusco, de Heilige Vallei en Machu Picchu prima, met Arequipa en de Colca Canyon erbij; wil je ook het Titicacameer en wat meer rust, plan dan drie weken. De volgorde die ik aanhield, Lima, Cusco, Machu Picchu, Titicaca, Colca, Arequipa, werkt fijn omdat je de hoogte netjes opbouwt en alles ongeveer op één lijn ligt.

Qua vervoer vlieg je de lange stukken, zoals Lima naar Cusco, want de afstanden zijn groot. Tussen Cusco, Puno, de Colca Canyon en Arequipa rijden comfortabele toeristenbussen. De beste reistijd is het droge seizoen van mei tot september: helder en droog, alleen is het dan drukker en ‘s ochtends koud op hoogte. Budget is over het algemeen mee te vallen, eten en lokaal vervoer zijn goedkoop; de grote uitgaven zijn de binnenlandse vlucht en Machu Picchu met ticket en trein.

Mijn eerlijke oordeel over een rondreis Peru

Peru heeft me niet teleurgesteld. De combinatie van de Inca-plekken rond Cusco, Machu Picchu, het Titicacameer, de condors bij de Colca Canyon en het witte Arequipa maakt dit een van de rijkste rondreizen die ik heb gedaan. De hoogte is het enige waar je echt rekening mee moet houden, dus bouw je route rustig op en gun jezelf de tijd. Doe je dat, dan is een rondreis Peru gewoon top.

Veelgestelde vragen

Hoeveel dagen heb je nodig voor een rondreis door Peru? +

Voor de klassieke route door het zuiden reken je op ongeveer twee tot drie weken. In twee weken doe je Cusco, de Heilige Vallei en Machu Picchu op een prettig tempo, met eventueel Arequipa en de Colca Canyon erbij. Wil je ook het Titicacameer en meer rust, plan dan drie weken.

Wat is de beste route voor een rondreis Peru? +

De meest logische route is Lima, dan door naar Cusco als uitvalsbasis, de Heilige Vallei met Ollantaytambo, de trein of trektocht naar Machu Picchu, en daarna zuidwaarts naar het Titicacameer bij Puno, de Colca Canyon en Arequipa. Zo bouw je de hoogte netjes op en ligt alles op één lijn.

Wat is de beste reistijd voor Peru? +

Het droge seizoen van mei tot september is het fijnst voor het zuiden en de bergen: droog en helder, al is het 's ochtends koud op hoogte. Dat is ook het hoogseizoen, dus het is drukker en je moet je Machu Picchu-tickets en trein ruim van tevoren boeken.

Hoe erg is de hoogte in Peru? +

Serieus genoeg om rekening mee te houden. Cusco ligt op zo'n 3400 meter en Puno nog hoger, dus je bent er sneller buiten adem en kunt de eerste dagen hoofdpijn krijgen. Neem het rustig aan bij aankomst, drink veel water, sla de alcohol even over en drink zoals de locals wat coca-thee.

Hoe reis je rond binnen Peru? +

Voor de lange stukken, zoals Lima naar Cusco, vlieg je vaak omdat de afstanden groot zijn. Tussen Cusco, Puno, de Colca Canyon en Arequipa zijn er comfortabele toeristenbussen. Naar Machu Picchu ga je met de trein via Aguas Calientes, of te voet via een trektocht als de Salkantay.

Is een rondreis door Peru duur? +

Eten, lokaal vervoer en simpele overnachtingen zijn goedkoop, dus op zich reis je Peru betaalbaar. De grote uitgaven zijn de binnenlandse vlucht en vooral Machu Picchu met het toegangsticket en de trein. Reserveer daar wat extra budget voor, de rest valt mee.

Lees ook