Vier weken lang reisde ik met Zas door Brazilië, van de stranden en de Cristo van Rio tot midden in de Amazone en de eilanden van Bahia. Dit is geen tekst die ik van een reisbureau heb overgeschreven, maar wat ik zelf heb meegemaakt: de fantastische dagen, en ook de dingen die tegenvielen. Want zoals altijd zat niet alles mee.
Waarom Brazilië zo bijzonder is
Wat me het meest is bijgebleven, is hoe gigantisch en gevarieerd dit land is. In een paar weken stonden we boven op de Corcovado bij het wereldwonder Cristo Redentor, dobberden we op piekfijn blauw water bij Ilha Grande, werden we drijfnat bij de watervallen van Iguaçu en sliepen we in een hangmat midden in de Amazone. Dat je dat allemaal in één land doet, blijft bizar.
En dan de sfeer. In Rio hangt een relaxed, muzikaal sfeertje dat je meteen te pakken heeft: caipirinha’s op het strand, samba in de barretjes van Lapa en overal het gevoel dat het leven buiten wordt geleefd. Brazilianen die los staan te dansen, kraampjes op elke hoek, en eten dat vaak tering lekker en spotgoedkoop is.
De mooiste plekken in Brazilië
We reisden van het zuidoosten naar de Amazone en eindigden in Bahia. Dit zijn de plekken die ik je echt zou aanraden.
Rio de Janeiro
Voor mij het hoogtepunt om mee te beginnen. De stranden van Copacabana en Ipanema, de Cristo Redentor, de Suikerbroodberg, de kleurrijke trap van Selarón en de oude tram van Santa Teresa. We deden ook een indrukwekkende tour door favela Rocinha. Rio heeft alles.
Ilha Grande
Een groen eiland zonder auto’s, op een paar uur van Rio. We liepen over de bergen naar het hagelwitte Praia Lopes Mendes en deden een boottour langs piepkleine paradijselijke eilandjes met azuurblauw water. Een van de mooiste dagen van de reis.
De watervallen van Iguaçu
Een van de grootste natuurwonderen ter wereld, op het drielandenpunt met Argentinië en Paraguay. We bekeken de vallen van de Braziliaanse kant en stonden op stijgers zowat middenin het geweld. Drijfnat, maar wat was dit gaaf.
De Amazone bij Manaus
Vier dagen in een eco lodge aan een zijrivier van de Amazone. Piranha’s vissen, kanoën door ondergelopen bos, roze dolfijnen spotten en een nacht kamperen in het oerwoud. De nachten waren heet en kut, maar de dagen waren uniek.
Ilha Boipeba en Salvador
We sloten af in Bahia. Ilha Boipeba was misschien wel het mooiste eiland waar ik ooit geweest ben: palmbossen, lege stranden en één bar waar het hele dorp samenkomt. Salvador is de oudste stad van het land, met de kleurrijke oude wijk Pelourinho en een sterke Afro-Braziliaanse cultuur.
Praktisch: reizen door Brazilië
Brazilië is zo groot dat je voor de langere afstanden al snel binnenlandse vluchten pakt. Azul Airlines vonden we prettig en comfortabel. Voor kortere ritten zijn er bussen, boten en Ubers, al is het busvervoer buiten de grote routes vaak echt voor locals: goedkoop, maar traag en niet bepaald comfortabel.
Betaal veel met kaart, want dat kan bijna overal, en neem contant geld mee voor de kleine tentjes en markten. Alcohol is opvallend goedkoop, dus een caipirinha zit er altijd wel in. Eén tip: TAP Air Portugal beviel ons voor geen meter, dus als je kunt kiezen, zou ik daar niet mee vliegen.
Wanneer ga je het beste naar Brazilië
Omdat het land zo enorm is, is er geen één perfecte maand. Wij gingen in juli en augustus en dat pakte goed uit: droog en aangenaam in Rio en het zuidoosten, prima te doen in de Amazone en heerlijk warm in Bahia. Wil je vooral de stranden en het strandleven van het zuidoosten, dan is de Braziliaanse zomer (december tot maart) warmer, maar ook natter en drukker. Voor de Amazone reist het droge seizoen het makkelijkst.
Mijn eerlijke oordeel over Brazilië
Brazilië heeft me verrast met hoe veel het te bieden heeft. Steden, stranden, watervallen en oerwoud, en overal die ontspannen, muzikale sfeer. Niet elke dag was top, en op sommige plekken (São Paulo, een paar reisdagen) hadden we het na een dag wel gezien. Maar de hoogtepunten waren fantastisch en het land is echt de lange vlucht waard. Hieronder deel ik mijn verhalen per plek.