Kort overzicht
- Duur
- 4 weken
- Beste reistijd
- Juli en augustus
- Vervoer
- Bus, boot en binnenlandse vluchten
- Hoogtepunt
- Ilha Boipeba en Rio
Onze rondreis Brazilië begon met een drama en eindigde in een paradijs. Vier weken lang reisden Zas en ik van Rio naar het noorden en weer terug naar de kust, en we zagen ongeveer alles wat dit gigantische land te bieden heeft: wereldsteden, koloniale stadjes, watervallen, de Amazone en eilanden waar we nooit meer weg wilden. Als je zelf een route plant, vertel ik hier eerlijk wat top was, wat tegenviel en wat het kostte.
Eerst even dit: wij vlogen via Lissabon met TAP Air en dat werd meteen een gigantisch gezeik. Voor de gate moest ineens iedereen wachten, uiteindelijk werd zelfs een hele vleugel van het vliegveld ontruimd en moesten we opnieuw door de security. We kwamen pas half drie ‘s nachts aan in Rio, gesloopt en hongerig. Mijn eerste tip is dus gratis: vlieg als het even kan niet met TAP.
Rio de Janeiro: het perfecte begin
Rio was misschien wel mijn favoriete stad van de hele reis. We zaten in Copacabana en de eerste dag was pure vakantie: nieuwe Havaianas kopen, over het strand naar Ipanema wandelen met de Dois Irmãos-rotsen erachter, en op de Copacabana zwichten voor caipirinha’s en açaí van de verkopers. ’s Avonds gingen we naar het Maracanã voor Fluminense tegen Bahia. Het stadion is prachtig, al viel het me tegen hoe leeg het bleef.
Het hoogtepunt was de klim naar de Cristo Redentor. Vanaf Parque Lage loopt een steil pad door dicht bos naar boven, zo’n 715 hoogtemeters, en onderweg pikte een brutale aap onze broodjes in. Baalden we van, maar boven was het geweldig en dat we het te voet hadden verdiend gaf alleen maar meer voldoening. Verder deden we het koloniale centrum, de kleurrijke Escadaria Selarón, de wijk Santa Teresa, samba in Lapa en een favelatour door Rocinha met gids Alberto, die er zijn hele leven woont. Reken op drie tot vier dagen. Rio verdient de tijd.
Ilha Grande: eiland zonder auto’s
Vanaf het centrale busstation van Rio ging het met bus en boot naar Ilha Grande, zonder een spoor van gezeik. Op dit groene eiland rijden geen auto’s en dat merk je meteen aan de rust. We maakten een lange wandeling door de bossen en over de bergen naar Praia Lopes Mendes, en dat strand was zo wit en zacht dat het klonk alsof we door de sneeuw liepen, met azuurblauwe zee erbij. De boottour langs de Ilhas Paradisiacas was minstens zo goed: vier stops bij hagelwitte strandjes waar je op sommige plekken de snorkel niet eens nodig had, zo veel vissen zwommen er.
En de prijzen: bij een mini tentje kregen we een liter caipirinha voor 35 real, zo’n 6 euro. Alcohol is echt niet duur hier. Ilha Grande was een top plek om na de drukte van Rio bij te komen.
Paraty: mooi, maar vooral voor eromheen
Met een spotgoedkope boot naar Angra dos Reis en een lokale bus kwamen we in Paraty, een oud koloniaal stadje met witte huisjes, kleurrijke kozijnen en straten vol schots en scheve keien. Prachtig om te zien, maar eerlijk: het historische centrum is klein en had je zo gehad. Je komt hier vooral voor wat je eromheen kunt doen, en laat het nou net noodweer worden. Wandelen en kajakken vielen af, en het Casa de Cultura-museum boeide me geen reet. Een frustrerende dag.
Gelukkig namen we de volgende dag revanche. Met bootsman Marcelino voeren we naar het enige fjord van Brazilië en beklommen we de Pão de Açucar, een korte maar zware klim van ruim 400 meter. Het uitzicht boven voelde als een Noors fjord met tropische begroeiing, en op de terugweg zagen we ineens heel veel dolfijnen. Zo werd Paraty toch nog goed.
São Paulo: een korte, culturele tussenstop
Een busrit van zes uur bracht ons naar São Paulo, de grootste stad van het zuidelijk halfrond. Voor ons niet meer dan een tussenstop van anderhalve dag. Het voetbalmuseum was een verrassing en voor een liefhebber als ik geweldig, met alles van de oude shirts tot Pelé en de pijnlijke nederlagen tegen Uruguay en Duitsland. Verder deden we het park Ibirapuera, de street art in Beco do Batman, de markt met een absurd dik belegd mortadella-broodje en de Japanse wijk Liberdade, waar we de beste sushi van de reis aten.
São Paulo heeft de grootste Italiaanse gemeenschap buiten Italië, en we aten er tering lekkere pizza naast het stadion van Palmeiras. Het historische centrum viel tegen, vooral grijze hoogbouw en een grimmige sfeer. Leuk voor een dag, maar we waren blij dat we niet langer bleven.
Foz do Iguaçu: de watervallen van dichtbij
We vlogen met Azul Airlines naar Foz do Iguaçu, en wat een verschil met TAP: comfortabel, modern en zo attent dat we op een vlucht van anderhalf uur nog sapjes, snoep en popcorn kregen. Het drielandenpunt zelf viel tegen, dat voelde als de Efteling zonder attracties. Maar de watervallen maakten alles goed.
Wij zagen ze zowel van de Argentijnse als de Braziliaanse kant, en dat advies om beide te doen klopt. Het natuurwonder is zo enorm dat je het niet van één kant ziet. Vanaf de Braziliaanse kant sta je via steigers bijna middenin, waar je door de opstijgende nevel en harde wind drijfnat wordt. Snel even een goedkope poncho kopen dus. Naast de watervallen is er ook een vogelpark met vogels die gered zijn van illegale handel, met kleurrijke toekans en ara’s. Een leuk extraatje, ook al zijn we geen echte vogelliefhebbers.
De Amazone bij Manaus: uniek, maar heftig
Van Iguaçu vlogen we via São Paulo naar Manaus, een miljoenenstad midden in de Amazone. Vanaf daar ging het met bus en boot naar de eco lodge van Ney aan de Urubu, waar we vier dagen bleven. We visten op piranha’s, zochten bij zonsondergang naar roze rivierdolfijnen, kanoden door ondergelopen bos en spotten kaaimannen in het donker. De natuur was fantastisch en de sterrenhemel zonder lichtvervuiling waanzinnig.
Het zwaarste onderdeel was een nacht kamperen in het oerwoud, in een hangmat, terwijl gids Joshua ons ondertussen bang maakte met verhalen over jaguars en schorpioenen. De nachten waren echt kut door de hitte, maar de dagen waren geweldig. Grappig genoeg was onze eco lodge luxer dan het hotel in Manaus, waar de douche het niet eens deed. Manaus zelf is prima voor een dag: de vismarkt, het mooie operahuis en het punt waar de Rio Negro en de Amazone samenkomen zonder te mengen.
Ilha Boipeba: misschien het mooiste eiland ooit
Na een enorm lange reisdag via Salvador kwamen we aan op Ilha Boipeba, en we werden er wakker in een paradijs. De wandeling door de palmbossen naar de stranden was al absurd mooi, en de zee lag er zo bij dat we er geen woorden voor hadden. Misschien wel het mooiste eiland waar ik ooit geweest ben. We deden vooral wat je hier moet doen: op het strand liggen, viscurry eten die absurd lekker was, en ‘s avonds een drankje in de enige bar van het eiland waar het hele dorp samenkomt.
Drie dagen lang deden we ongeveer dezelfde heerlijke wandeling en strandroutine, en dat was precies wat we wilden. Enige tegenvaller was een boottocht naar lichtgevende algen die door de felle maan een flop werd, maar dat kon de dagen niet verpesten. We baalden echt dat we weg moesten.
Salvador: de afsluiter met Afrikaanse ziel
Onze laatste stop was Salvador, de oudste stad van Brazilië. We verbleven in Pelourinho, de mooie oude buurt met kleurrijke straatjes, muurschilderingen en capoeira op de pleinen. Sommige sites maakten ons bang dat het onveilig zou zijn, maar het was juist super gemoedelijk. De stad heeft een sterke Afrikaanse cultuur die je overal terugziet, wat komt door de geschiedenis van de slavernij onder de Portugezen.
Groot is het centrum niet, dus we hadden het snel gezien, en de musea vonden we echte flops. Maar het eten maakte veel goed: we aten Moqueca, een vis-stoofgerecht van Afrikaanse oorsprong, en sloten af in de zon met caipirinha’s bij een laatste zonsondergang.
Mijn eerlijke oordeel over deze rondreis Brazilië
Vier weken voelde precies goed, al is Brazilië zo enorm dat je alsnog flink moet vliegen voor de grote afstanden. De combinatie van steden, koloniale dorpjes, watervallen, jungle en eilanden maakt het een van de rijkste reizen die ik gedaan heb. Rio was mijn favoriete stad, Ilha Boipeba het mooiste eiland en de Amazone de meest bijzondere ervaring, ook al waren de nachten daar om te janken. Niet alles was top: Paraty leunt te veel op het weer, São Paulo hoef je niet lang te doen en een paar musea kun je overslaan. Maar al met al hebben we enorm genoten. Een absolute aanrader, neem er gewoon de tijd voor.
Veelgestelde vragen
Hoeveel weken heb je nodig voor een rondreis door Brazilië? +
Wij hadden vier weken en dat voelde precies goed voor deze route van Rio tot Salvador. Brazilië is enorm, dus met minder tijd moet je flink schrappen of nog meer binnenlandse vluchten pakken. Wil je er rustig doorheen en overal een paar dagen blijven, dan is vier weken een fijne basis.
Wat is de beste reistijd voor Brazilië? +
Wij reisden eind juli en augustus, de Braziliaanse winter, en dat beviel goed. In het zuiden (Rio, Iguaçu, São Paulo) was het droog en aangenaam, in de Amazone en het noorden gewoon heet. Voor stranden en steden in het zuiden is deze periode wat mij betreft ideaal.
Hoe reis je binnen Brazilië van plek naar plek? +
Voor de korte stukken pakten we comfortabele bussen en boten (Rio naar Ilha Grande, naar Paraty, naar São Paulo). Voor de grote afstanden namen we binnenlandse vluchten, want het land is gigantisch. Azul Airlines was verrassend comfortabel en attent, veel beter dan TAP Air waarmee we heen vlogen.
Is een rondreis door Brazilië veilig? +
Met gezond verstand voelde het overal prima. In Rio namen we 's avonds in Lapa bewust weinig mee, in Salvador werd de wijk Pelourinho online afgeschilderd als onveilig maar dat viel enorm mee. Blijf alert met je telefoon en spullen, dan kwamen wij nergens in de problemen.
Wat kost reizen in Brazilië? +
Buiten de vluchten viel het mee. Alcohol is opvallend goedkoop (een liter caipirinha voor zo'n 6 euro op Ilha Grande), lokaal eten en markten zijn betaalbaar, en dingen als een rondleiding in het operahuis van Manaus of een cachaça-proeverij kostten bijna niks. De binnenlandse vluchten zijn de grootste kostenpost.
Lees ook
Brazilië · Amazone
De Amazone in bij Manaus: 4 dagen in een jungle lodge
Mijn eerlijke verslag van vier dagen in een eco lodge in de Amazone bij Manaus: piranha's vissen, roze dolfijnen, kanoën en kamperen in het oerwoud.
9 min lezen
Brazilië · Foz do Iguaçu
Iguaçu watervallen: de Braziliaanse kant bezoeken
Mijn eerlijke tips voor de watervallen van Iguaçu vanaf de Braziliaanse kant: het uitzicht, het vogelpark, het drielandenpunt en of het de moeite waard is.
7 min lezen
Brazilië · Ilha Grande
Ilha Grande: het groene autoloze eiland bij Rio
Mijn eerlijke gids voor Ilha Grande bij Rio: de wandeling naar Praia Lopes Mendes, een boottour langs paradijselijke eilandjes en praktische tips.
8 min lezen