Klein bebost eiland met een houten steiger in de heldere zee van het Tunku Abdul Rahman-park bij Kota Kinabalu

MALEISIË

Kota Kinabalu: regenwoud en eilanden in Sabah

6 min lezen

Kort overzicht

Regio
Sabah, Borneo
Bekend om
Eilanden, regenwoud en Mount Kinabalu
Aanrader
Een dag eilandhoppen plus een dag de jungle in
Blijf minimaal
2 tot 3 dagen

Kota Kinabalu, of KK zoals iedereen het noemt, is de grote stad van Sabah in het noorden van Borneo. Je komt er niet voor de stad zelf, maar voor alles wat eromheen ligt. Voor de kust drijven een handvol eilanden met helder water, achter de stad begint meteen het regenwoud, en in de verte torent Mount Kinabalu boven alles uit. Ik gebruikte KK als uitvalsbasis en verdeelde mijn tijd tussen de eilanden en de jungle.

De eilanden van het Tunku Abdul Rahman-park

Het leukste dagje vanuit KK is een boottocht naar de eilanden van het Tunku Abdul Rahman-park, die pal voor de kust liggen. Met een klein bootje ben je er zo, en dan stap je een ander wereldje binnen: houten steigers die het heldere water in lopen, wit strand en een bebost binnenland.

Het water is prima om te snorkelen en gewoon rond te dobberen. Let wel op de borden over kwallen (stingers) en trek je zwemvest aan als de stroming staat, want die kan er zijn. Voor de rest is het vooral genieten: een duik nemen, op het strand chillen en tussendoor iets eten. Een dag is genoeg om een paar eilanden te zien.

Het regenwoud en de rafflesia

Wat me nog het meest is bijgebleven, zit landinwaarts. Achter KK loopt het al snel op naar groene heuvels vol regenwoud, en daar zat ik in een lodge midden in het bos, met uitzicht over een vallei die de hele dag door van kleur veranderde. ’s Avonds keek ik naar de zon die achter de heuvels zakte, met in de verte de zee. Weinig te doen, maar heerlijk.

Op een wandeling door het bos kwamen we langs watervallen en, het hoogtepunt, een rafflesia in bloei. Dat is de grootste bloem ter wereld, een vlezig geval met roodbruine gevlekte bladen dat zomaar op de bosbodem ligt. Ze bloeien maar kort en onvoorspelbaar, dus dat je er net eentje open ziet staan is echt geluk hebben.

Mount Kinabalu

Boven de hele regio uit steekt Mount Kinabalu, met bijna 4100 meter de hoogste berg van de omgeving. Je kunt hem in twee dagen beklimmen tot de top voor zonsopkomst, iets waar je vooraf een plek voor moet regelen omdat het aantal klimmers per dag beperkt is. Ik heb de top zelf niet gedaan, maar zelfs vanaf de lagere delen en de omliggende parken is het een indrukwekkend gevaarte.

Praktisch: Kota Kinabalu

KK heeft een eigen vliegveld met verbindingen naar Kuala Lumpur en de rest van Borneo, dus het is een logisch begin- of eindpunt van een reis door Sabah. In de stad kom je lopend rond, voor verder weg pak je een taxi of Grab, of je boekt een tour.

Blijf minimaal twee tot drie dagen: één dag voor de eilanden, één dag het regenwoud in, en als je meer tijd hebt de berg of een tocht verder de natuur in. Reken op warmte, hoge luchtvochtigheid en af en toe een flinke bui, dat hoort er hier gewoon bij.

Mijn eerlijke oordeel over Kota Kinabalu

Kota Kinabalu is geen stad om lang in te hangen, maar als uitvalsbasis voor het noorden van Borneo is het precies goed. De combinatie van eilanden voor de deur en regenwoud in je achtertuin maakt het bijzonder, en die rafflesia had ik voor geen goud willen missen. Voor mij was KK vooral de opstap naar de mooiste natuur van Sabah.

Lees ook