Vietnam deed ik van boven naar beneden: begonnen in het drukke Hanoi in het noorden, via Ha Long Bay en de karstrotsen, langs de kust naar Hoi An en Nha Trang, en helemaal onderin geëindigd in Saigon en de Mekongdelta. Het is een lang, smal land en dat merk je: het noorden en het zuiden voelen bijna als twee verschillende landen. Dit is mijn eerlijke overzicht, geen reisbureau-praat.
Waarom Vietnam de moeite waard is
Wat Vietnam voor mij bijzonder maakt is de afwisseling over die lange noord-zuidlijn. Boven heb je de bergen, de karstrotsen van Ha Long Bay en een hoofdstad die één grote chaos van scooters is. In het midden liggen rustigere kuststadjes, en helemaal onderin wordt alles trager en groener bij de rivieren van de Mekongdelta.
En dan het eten. Vietnamees eten is spotgoedkoop en vaak op straat het lekkerst. Een kom pho voor bijna niks, verse loempia’s, koffie met gecondenseerde melk. Je hoeft er echt niet naar te zoeken, het staat op elke hoek.
De mooiste plekken in Vietnam
Ik hield de klassieke route aan van noord naar zuid. Dit zijn de plekken die me het meest zijn bijgebleven.
Hanoi
De hoofdstad in het noorden en meteen een flinke prikkeling: smalle straatjes, non-stop scooters, tempels tussen de drukte en overal eetkraampjes. Chaotisch, maar wel een goede plek om je reis te beginnen.
Ha Long Bay
De kalksteenrotsen die uit het water oprijzen, de drijvende vissersdorpjes en verscholen strandjes. Dit is het plaatje dat iedereen van Vietnam kent, en het is inderdaad indrukwekkend om er tussendoor te varen.
Hoi An en de kust
Verder naar het zuiden wordt het rustiger. Hoi An is een klein havenstadje aan de kust, een fijne plek om even gas terug te nemen na de drukte van het noorden.
Saigon en de Mekongdelta
Saigon (officieel Ho Chi Minh-Stad) is het bruisende zuiden, en vlak daaronder ligt de Mekongdelta: een tragere wereld van rivieren, bootjes en drijvende markten. Een mooie afsluiter van de route.
Praktisch: reizen door Vietnam
De meeste reizigers doen Vietnam van noord naar zuid of andersom, met een mix van nachttreinen, bussen en een enkele binnenlandse vlucht voor de lange stukken. Reken op grotere afstanden dan je op de kaart verwacht.
In de steden gebruik je Grab (de lokale Uber) voor scooter- of autoritten, dat is makkelijk en goedkoop. En het verkeer: die eindeloze stroom scooters is even wennen. Oversteken doe je rustig en met een vast tempo, dan stromen ze om je heen.
Wanneer ga je het beste naar Vietnam
Omdat het noorden en het zuiden zo verschillen, is er geen perfect moment voor het hele land. Februari tot april is meestal de beste gok als je van noord naar zuid reist: dan is het boven droger en beneden nog niet te nat. Ga je alleen naar het zuiden, dan is november tot april het droge seizoen. In het noorden kan het in de winter juist koel en grijs zijn, hou daar rekening mee.
Mijn eerlijke oordeel over Vietnam
Vietnam is een land dat je van boven naar beneden echt ziet veranderen, en juist die afwisseling maakt het leuk. Het verkeer en de drukte in het noorden zijn even schrikken, maar het eten, de karstrotsen en de trage Mekong maken veel goed. Wil je een eerste keer Zuidoost-Azië doen dat goedkoop en gevarieerd is, dan is Vietnam een prima keuze. Hieronder deel ik mijn verhalen per plek.