Curaçao was een familiereis: ik ging er met mijn ouders, mijn broers en wat aanhang een kleine twee weken heen, met een huisje aan de zuidkant als uitvalsbasis. Het is een eiland waar je heel makkelijk in de val trapt om elke dag alleen maar aan het zwembad te liggen, en eerlijk, dat deden we ook regelmatig. Maar juist op de dagen dat we er wel op uit gingen zag ik hoe gevarieerd het eiland eigenlijk is. In deze gids zet ik op een rij wat me het meest is bijgebleven en wat ik je zou aanraden.
Waarom Curaçao zo leuk is
Wat Curaçao voor mij bijzonder maakt, is dat je op één klein eiland zulke verschillende dingen hebt. Aan de ene kant heb je Willemstad, met die beroemde kleurrijke huizen aan de Handelskade en de drijvende Emmabrug. Aan de andere kant heb je de ruige noordkust, waar de zee keihard tegen de rotsen beukt, en de zachte, felblauwe baaien aan de westkant waar je zo het water in loopt.
En het is er lekker makkelijk. Je hoeft geen visum, iedereen spreekt Nederlands, je betaalt met een munt die aan de euro vastzit en het weer zit vrijwel altijd goed. Het ligt buiten de orkaangordel, dus je hebt niet het gedoe dat je op veel andere Caribische eilanden wel hebt.
De mooiste plekken op Curaçao
Ik reisde vanuit ons huisje aan de zuidkant het eiland op. Dit zijn de plekken die ik je echt zou aanraden.
Willemstad
De hoofdstad en meteen het mooiste stukje stad van het eiland. De Handelskade met zijn pastelkleurige koloniale gevels is precies zo mooi als op de plaatjes, zowel overdag als ‘s avonds als alles verlicht is. Loop over de Emmabrug, eet aan het water en slenter een rondje door Punda en Otrobanda.
De baaien aan de westkant
Hier zitten de mooiste stranden. Kleine baaien met wit zand en felblauw, helder water, zoals de Grote Knip en de baaitjes bij Westpunt. Perfect om een paar uur te chillen, te zwemmen en vanaf de klif het water in te springen.
De ruige noordkust
De tegenpool van de rustige baaien. Bij Shete Boka zie je hoe de wilde zee de rotsen in beukt en het water via een natuurlijke opening keihard omhoog wordt geschoten. Heel indrukwekkend en heel anders dan de zuidkant.
De Christoffelberg
De hoogste ‘berg’ van het eiland (360 meter) in het Christoffelpark. Een pittige klim, maar bovenaan heb je een prachtig uitzicht over het hele eiland tot aan de zee.
Praktisch: reizen op Curaçao
Huur een auto. De mooiste plekken liggen verspreid over het eiland en met een auto ben je overal zo. Rijden gaat rechts en de wegen zijn prima. Reken op zo’n 70 tot 100 euro per dag als je uit eten gaat, want de leuke tentjes aan het water in Willemstad zijn niet goedkoop. Zelf koken in het huisje scheelt flink.
Neem genoeg zonnebrand en water mee, want het is er droog en de zon is fel. En als je gaat snorkelen: check vooraf even waar het koraal nog goed is, want dat is op sommige plekken echt achteruit gegaan.
Beste reistijd voor Curaçao
Het hele jaar door goed, dat is het mooie. Het droogst is het van februari tot juni. Wij waren er eind februari en begin maart en dat was ideaal: warm, droog en volop zon. In oktober tot december valt er wat meer regen, maar dat zijn meestal korte buien en het blijft warm. Omdat het buiten de orkaangordel ligt hoef je je nergens zorgen over te maken.
Mijn eerlijke oordeel over Curaçao
Curaçao is geen eiland waar je van hotspot naar hotspot racet. De charme zit in de combinatie: een mooie kleurrijke stad, heerlijke baaien, een ruige kust en genoeg plekken om gewoon lekker niks te doen. Voor een ontspannen zonvakantie met net genoeg te zien en te doen is het wat mij betreft een aanrader. Hieronder deel ik mijn verhalen per plek.