De vuurtoren van Cape Byron bij Byron Bay aan de oostkust van Australië

AUSTRALIË

Rondreis door Australië: mijn route langs de oostkust in 8 weken

11 min lezen

Ik ben ruim acht weken door Australië gereisd, van half april tot begin juni, en het overgrote deel deed ik langs de oostkust met een huurauto met daktent. Er staan op deze site al losse verhalen over Sydney, de Blue Mountains, Byron Bay en Cairns, maar hier zet ik de hele rondreis Australië op een rij: welke route ik reed, wat top was, wat tegenviel en wat ik zou aanraden. Kort samengevat: van Sydney eerst naar het zuiden richting Melbourne, en daarna weer helemaal omhoog langs de kust tot Cairns.

Sydney: de start

Sydney was mijn eerste stop en na een veel te lange vlucht kwam ik er doodmoe aan. Toch liep ik meteen de stad in, want die eerste dag wilde ik niet verslapen. En ondanks de vermoeidheid was ik meteen om: Sydney is enorm groot, maar er is veel te doen en het is gewoon een mooie, leuke stad.

De eerste dagen zat ik in een hostel in Woolloomooloo, lekker centraal en dichtbij het Opera House en de Harbour Bridge. Ik dacht dat ik hostels niks zou vinden, maar het viel prima mee, vooral echt schoon. Van buiten zijn het Opera House en de Harbour Bridge allebei prachtig, zeker vanaf het water. De rondleiding naar binnen in het Opera House vond ik alleen niet bijzonder en eigenlijk het geld niet waard.

De mooiste dagen in Sydney had ik buiten het centrum. Manly Beach is met een bootje vanaf Circular Quay zo bereikt en een heerlijk strand. De Taronga Zoo verraste me: ik ben normaal geen dierentuinganger, maar die ligt op een schitterende plek met uitzicht over de baai en de skyline, en je ziet er alle Australische dieren, koala’s, kangoeroes, emoe’s en vogelbekdieren. En op de laatste dag rond Sydney reden we naar Palm Beach, waar je naar de Barrenjoey Lighthouse klimt voor een prachtig uitzicht over het schiereiland. Voor Sydney zelf zou ik vier tot vijf dagen aanhouden.

Met de auto naar het zuiden

Na Sydney haalden we de auto op, deden boodschappen en gingen echt op pad. De eerste dag was al lang genoeg met alles regelen, dus we reden niet ver en probeerden ‘s avonds voor het eerst de daktent uit, met een lekkere barbecue en een biertje erbij. Alles zo bij de hand in de auto is toch wel makkelijk.

De eerste echte stop was het Royal National Park, net onder Sydney. Bij het strand van Wattamolla springen veel mensen van een hoge rots het water in, wat wij natuurlijk ook deden, dat was echt leip. Daarna liepen we naar de figure 8 pools, en dat was wel echt de grootste tijdsverspilling. Je moet er een flink stuk voor lopen en het resultaat is een klein 8-je in de stenen. Op plaatjes leek het cool en groot, in het echt totaal niet de moeite waard. De omgeving was wel mooi.

Verder naar het zuiden kwamen we langs Hyams Beach, met hagelwit zand en enorm helder water, echt prachtig, al bleven we niet lang omdat het geen strandweer was. Bij Mimosa Rocks kajakten we een stukje langs de eilandjes, zeiknat aan het einde maar het waard. Zo reden we in etappes door: veel kilometers, af en toe een wandeling langs een rivier die niet altijd zo bijzonder was, en Walhalla, een oud goudzoekersgat met 18 inwoners. Wel schattig met z’n huisjes en een goudmijn, maar na de mijntour was ik vooral blij weer terug naar de bewoonde wereld te kunnen. Vlak voor Melbourne pakten we nog de hot springs, heerlijk warm na die koude nachten in de tent.

Melbourne

In Melbourne hadden we eerst flink gezeik om de auto kwijt te kunnen, uiteindelijk in een buitenwijk gedumpt en met een uber de stad in. Even weer in een echt bed liggen was prima. De eerste avond oogde de stad wat dood, maar dat lag vooral aan de saaie buurt waar we zaten. Melbourne is minder een toeristenstad dan Sydney, en dat scheelt.

Zodra we wat beter zochten was het een leuke stad. We gingen naar Brighton met z’n bekende kleurrijke strandhuisjes, waar alle toeristen mee op de foto gaan, en naar de bekende street art, veel graffiti waarvan een deel echt mooi is. Het is wel een toeristenattractie, dus soms lastig even rustig een foto maken. Al met al een prima stad om een paar dagen te zien.

Terug omhoog: Blue Mountains en de kust

Vanaf Melbourne reden we in één lange, saaie reisdag terug omhoog naar de omgeving van de Blue Mountains, dezelfde weg de hele tijd. Dat biertje aan het einde was wel verdiend. De wandeling door de Blue Mountains was mooi, met goede uitzichten en op het einde zicht op de Three Sisters, drie rotsen naast elkaar. Een leuke dag en echt mooi.

Daarna volgde de kust weer. We kajakten op Lake Macquarie naar een zandeilandje midden in het meer, en sliepen een nacht wild kamperend op het strand: met de 4WD over het zand, waarbij we nog even vast kwamen te zitten tot een ranger uitlegde dat onze banden veel zachter moesten en we vanuit een hogere versnelling moesten optrekken. ’s Middags heerlijk, ‘s avonds erg koud, maar wel een coole plek om te slapen. Newcastle daarentegen was best kut: weinig te zien en slecht weer. In Hunter Valley huurden we fietsen en reden langs de wijnvelden, proefden wat wijntjes (wel goor) en het was slopend met al die heuvels, maar de omgeving was echt mooi.

Byron Bay en Nimbin

Byron Bay is het oostelijkste puntje van Australië en daarom komen er veel toeristen. We liepen naar de vuurtoren; het torentje zelf is schattig en het zicht bovenaan aardig, maar op andere plekken tijdens de wandeling was de kust mooier. Onderweg liepen we ook even door een moeras, waar we in korte tijd helemaal lek gestoken werden door muggen, dus daar waren we snel weer weg.

Vanuit Byron reden we het achterland in naar Nimbin, een echt hippiedorp waar we blijkbaar geweest moesten zijn. Het werd zelfs aangeraden er met een hippiebusje heen te gaan, maar daar zagen we niks in. We gingen zelf met de auto, een lange rare maar mooie weg, en het was precies wat we verwachtten: klein, niet bijzonder en heel veel vreemd volk. Grappig om even te zien, maar echt niet onze plek. We lunchten er en reden weer terug naar Byron.

Gold Coast en Brisbane

Richting het noorden werd het toeristischer en pretpark-achtig. Bij Gold Coast pakten we een waterpark en Movie World, een pretpark met leuke achtbanen, en childen we op het strand. Brisbane is een aardige stad, maar niet enorm bijzonder, wel leuk voor even. Daar zat ook de laatste dag met mijn reisgenoot Gijs: we liepen door de botanische tuinen, waar zelfs een Nederlands kraampje stond met poffertjes en een broodje kroket, en dronken ‘s avonds een biertje bij een Duits Brauhaus. Een lekker laatste dagje.

Cairns: regenwoud en het rif

Van Brisbane naar Cairns vloog ik, dat is een enorme sprong die je niet met de auto wilt doen. Cairns was het tropische noorden en meteen anders. Met de skyrail-kabelbaan ging ik over het oudste regenwoud ter wereld, op sommige plekken net over de boomtoppen. Onderweg stops bij Red Peak en de Barron Falls, en het eindpunt is Kuranda, een dorpje midden in het regenwoud. De terugweg met zicht op het regenwoud, de rivier, de suikerrietvelden en in de verte het Great Barrier Reef was echt mooi.

De stad Cairns zelf is niet veel aan, maar daar kwam ik ook niet voor. Op de laatste dag ging ik met de boot naar Green Island om te snorkelen bij het Great Barrier Reef. Het weer werkte totaal niet mee: ruige zee, geen zon, koud water. Ik heb mezelf toch het water in gekregen, want ik kom hier waarschijnlijk niet snel meer, en ik zag mooie vissen. Maar het koraal zelf had bijna geen kleur meer, je ziet echt dat het rif aan het verdwijnen is. Jammer om te zien, en die dag was gewoon kut. Toch een bijzondere afsluiter van een rondreis van ruim acht weken.

Al met al

Australië is groot, niet goedkoop en soms lang rijden, maar de oostkust doen met een auto met daktent is echt een aanrader. De mooiste stukken waren voor mij Sydney, de stranden en kust, de Blue Mountains en het regenwoud bij Cairns. Reis je net als ik buiten het seizoen, dan heb je het lekker rustig en goedkoper, maar hou rekening met koude nachten in het zuiden en niet altijd strandweer. Op naar de volgende reis.

Veelgestelde vragen

Wat is de beste reistijd voor een rondreis door Australië? +

Ik reisde van half april tot begin juni, dus in het Australische najaar. Groot voordeel: het is dan rustiger en goedkoper, geen drukte op de stranden en bij de attracties. Nadeel is dat het geen echt strandweer meer is, en vooral in het zuiden (rond Melbourne) zijn de nachten dan behoorlijk koud, wat wild kamperen minder aangenaam maakt. Wil je zeker warm strandweer, dan is de zomer (december tot februari) beter, maar reken dan op meer toeristen en hogere prijzen.

Hoeveel tijd heb je nodig voor de oostkust van Australië? +

Ik deed Sydney tot Cairns in ruim acht weken en dat was rustig aan met veel stops. Wil je hetzelfde stuk in een sneller tempo doen, dan kom je met vier tot zes weken al een heel eind, maar dan sla je veel kleine stukjes over. De afstanden zijn enorm, dus onderschat de reistijd tussen plekken niet.

Kun je Australië het beste met de auto doen? +

Voor de oostkust vond ik een huurauto ideaal, zeker een met daktent zodat je overal kunt stoppen en wild kamperen. Je bent niet afhankelijk van bussen en kunt zelf beslissen waar je langer blijft. Alleen in de steden is een auto lastig; in Melbourne hadden we flink gezeik om de auto kwijt te kunnen. Grote sprongen, zoals van Brisbane naar Cairns, doe je gewoon met het vliegtuig.

Is het Great Barrier Reef nog de moeite waard? +

Eerlijk: het viel me tegen. Ik snorkelde bij Green Island en zag wel veel mooie vissen, maar het koraal zelf had bijna geen kleur meer op de meeste plekken. Het rif is duidelijk aan het verdwijnen. Als je in de buurt bent, ga dan zeker een keer, maar verwacht niet de perfecte plaatjes uit de folder.

Wat kost een rondreis door Australië ongeveer? +

Australië is niet goedkoop. De grootste posten zijn de huurauto met benzine en de vluchten. Wild kamperen met een daktent en zelf koken (barbecue bij de auto) scheelt enorm op verblijf en eten. In het laagseizoen zijn hostels en attracties wat goedkoper. Reken toch op een fors budget, dit is geen budgetbestemming zoals Zuidoost-Azië.

Is reizen in Australië veilig? +

Ja, Australië voelt heel veilig. Waar je wel op moet letten is de natuur: bij het zwemmen kwam er in Zuid-NSW een vrouw ons waarschuwen dat er haaien waren gespot, en in moerasgebieden word je binnen no time lek gestoken door muggen. Verder is 4WD-rijden op het strand leuk maar tricky, laat je banden op tijd leeglopen en trek op vanuit een hogere versnelling, anders zit je zo vast.

Lees ook